Nieuws 10 april, 2024

Transfer pricing in Nederland

Transfer pricing
Crowe Peak/ Kennisbank/ Nieuws/

Transfer pricing in Nederland

De meestgestelde vragen op een rij

Bedrijven die onderdeel zijn van een internationale groep voeren vaak transacties uit met andere groepsmaatschappijen. Voor deze interne transacties gelden transfer pricing-regels, waarmee moet worden aangetoond dat de prijzen zakelijk zijn vastgesteld. Om boetes te voorkomen en aan de Nederlandse wetgeving te voldoen, is het belangrijk deze regels goed toe te passen. Hieronder lichten we kort de belangrijkste vereisten in Nederland toe.

Nederlandse vereisten transfer pricing

Wat is transfer pricing? 

Transfer pricing (verrekenprijzen) is de algemene term die verwijst naar de prijsstelling van transacties tussen verbonden partijen. Groepsmaatschappijen stellen soms speciale voorwaarden bij transacties; verrekenprijzen zorgen ervoor dat ze als onafhankelijke partijen tegen marktvoorwaarden handelen. Het zakelijkheidsbeginsel (ook wel arm’s-length-principe genoemd) behandelt groepsleden als afzonderlijke entiteiten. Dit principe maakt het mogelijk om winsten en daarmee belastingen eerlijk toe te rekenen aan de juiste rechtsgebieden.

Verrekenprijzen en de Nederlandse regelgeving

Het arm’s-length-principe maakte al lange tijd impliciet deel uit van de Nederlandse belastingwetgeving. In 2002 legde de wetgever dit principe vast in artikel 8b van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (“CITA”). In 2001 verduidelijkte een regeling de relatie tussen de OESO-richtlijnen voor verrekenprijzen en de Nederlandse benadering van transfer pricing. Deze regeling is geactualiseerd via Staatscourant 26874, gepubliceerd op 22nd april 2018, (“GG-26784“). GG-26874 noemt de OESO Transfer Pricing Guidelines (2017) als passende uitleg van het principe uit artikel 8b van de CITA. Deze versie sluit grotendeels aan bij de beginselen uit de OESO-richtsnoeren van 2022.

Binnenlandse toepasbaarheid  

De OESO stelde de richtlijnen op om de principes vast te leggen die gelden voor grensoverschrijdende prijsafspraken tussen verbonden partijen. Artikel 8, lid 3, van de CITA verplicht bedrijven om nationale en grensoverschrijdende transacties met verbonden entiteiten te documenteren en onderbouwen.

Artikel 29b-h van de CITA stelt dat belastingbetalers aan documentatievereisten voldoen met lokaal dossier, groepsdossier en rapportage per land. Download hem hier!

Bij een geconsolideerde groepsomzet onder 50 miljoen euro zijn groeps- en lokale dossiers niet verplicht, maar transfer pricing-documentatie blijft vereist.

Wat is een transfer pricing beleid en wat is het doel ervan? 

Een transfer pricingbeleid beschrijft in Nederland de strategie voor prijsstelling van intercompanytransacties binnen een groep, gericht op vier hoofdpunten.

  • Welke functies worden uitgevoerd door elke entiteit die betrokken is bij de transactie; 
  • Welke activa worden gebruikt door elke entiteit die betrokken is bij de transactie; 
  • Welke risico’s worden genomen door elke entiteit die betrokken is bij de transactie; en 
  • Welk prijsbeleid als passend en zakelijk (“arm’s length”) geldt, gebaseerd op de feiten en omstandigheden van de betreffende transactie. 

Het is ook aan te raden om dit prijsbeleid en de prijsbandbreedte ervan te baseren op een actuele benchmarkstudie. 

Transfer pricing en het lokale dossier

Wat houdt een lokaal dossier in en wat is het doel ervan? 

Een lokaal dossier biedt inzicht in de lokale activiteiten binnen een specifiek rechtsgebied van de groep. Dit dossier kan worden opgesteld op entiteitsniveau of op nationaal niveau. Het lokaal dossier documenteert de activiteiten van de lokale entiteit(en) en de relevante intercompany-transacties waarbij zij betrokken zijn. Daarnaast biedt het dossier een overzicht van de strategische besluitvorming en de financiële en fiscale posities van de desbetreffende entiteit(en).

Wanneer moet een lokaal dossier worden opgesteld/ingediend?

Nederlandse ondernemingen met groepsomzet vanaf 50 miljoen EUR moeten lokaal dossier opstellen en indienen vóór aangiftetermijn vennootschapsbelasting. De Nederlandse Belastingdienst verplicht bedrijven niet standaard een lokaal dossier in te dienen, tenzij ze hierom vraagt. Bij zo’n verzoek en het bereiken van de inkomstendrempel moet het lokale dossier al zijn voltooid. Daarom verleent de Nederlandse Belastingdienst meestal geen uitstel buiten de normale termijn voor het aanleveren van documentatie.

Aan welke eisen moet het lokale dossier voldoen?  

Conform paragraaf 10.1 van GG-26874, 2022, omvat de Regeling Aanvullende Documentatie-eisen Verrekenprijzen van 30 december 2015 (“DB2015/462M”) de vereisten voor de inhoud van het lokaal dossier. DB2015/462M is hoofdzakelijk gebaseerd op Bijlage II bij Hoofdstuk V van de OESO-richtlijnen. Deze bijlage stelt dat het lokaal dossier pas als volledig geldt wanneer het de volgende onderdelen bevat en behandelt:

Lokale entiteit 

  • Beschrijf managementstructuur, lokaal organigram, rapporterende personen en hun vestigingsplaats van hoofdkantoren binnen de lokale entiteit.
  • Beschrijf in detail de activiteiten en bedrijfsstrategie van de lokale entiteit. Geef daarbij aan of de entiteit betrokken was bij, of beïnvloed werd door, bedrijfsreorganisaties of overdrachten van immateriële activa in het lopende of voorgaande jaar. Licht ook toe welke aspecten van deze transacties effect hadden op de lokale entiteit.
  • Belangrijke concurrenten. 

Gecontroleerde transacties 

Verstrek voor elke materiële categorie van gecontroleerde transacties waarbij de entiteit betrokken is de volgende informatie: 

  • Beschrijf materiële gecontroleerde transacties en hun context, zoals inkoop, levering, leningen, garanties en licenties van immateriële activa.
  • Rapporteer betalingen en ontvangsten per transactiecategorie, uitgesplitst naar belastingjurisdictie van buitenlandse betaler of ontvanger.
  • Een identificatie van gelieerde ondernemingen die betrokken zijn bij elke categorie van gecontroleerde transacties, en hun onderlinge relatie. 
  • Kopieën van alle belangrijke intercompany overeenkomsten die zijn afgesloten door de lokale entiteit. 
  • Voer een gedetailleerde vergelijkbaarheids- en functionele analyse uit voor elke gedocumenteerde categorie gecontroleerde transacties. Verwijs naar het basisdossier wanneer de functionele analyse overlapt. Neem ook eventuele wijzigingen ten opzichte van voorgaande jaren op.
  • Geef aan welke transfer pricing-methode het meest geschikt is per transactiecategorie en motiveer de keuze.
  • Geef aan welke verbonden onderneming als geteste partij is geselecteerd en licht de redenen voor deze keuze toe.
  • Een samenvatting van de belangrijke veronderstellingen die bij de toepassing van de transfer-pricing-methode zijn gemaakt. 
  • Indien relevant, een uitleg van de redenen voor het uitvoeren van een meerjarenanalyse. 
  • Maak een lijst en beschrijf vergelijkbare niet-gecontroleerde transacties en relevante financiële indicatoren, inclusief zoekmethode en informatiebron.
  • Beschrijf alle vergelijkbaarheidscorrecties en geef aan op welke resultaten deze zijn toegepast: gecontroleerde partij, vergelijkbare transacties of beide.
  • Beschrijf waarom de relevante transacties zakelijk en objectief geprijsd zijn volgens de gekozen transfer pricing-methode.
  • Een samenvatting van de financiële informatie die is gebruikt bij de toepassing van de transfer-pricing-methode. 
  • Voeg kopieën toe van bestaande unilaterale en bilaterale/multilaterale APA’s en belastingrulings zonder lokale jurisdictie, gerelateerd aan gecontroleerde transacties.

Financiële gegevens 

  • De jaarlijkse financiële verslagen van de lokale entiteit voor het desbetreffende belastingjaar dienen te worden verstrekt. Indien gecontroleerde jaarrekeningen beschikbaar zijn, dienen deze te worden ingediend; indien niet, dan moeten bestaande niet-gecontroleerde jaarrekeningen worden verstrekt. 
  • Geef informatie en toewijzingsschema’s die tonen hoe financiële gegevens voor transfer pricing aan jaarrekeningen worden gekoppeld.
  • Verstrek samenvattende schema’s van relevante financiële gegevens en de bronnen die voor de vergelijkingspunten zijn gebruikt.

Het lokaal dossier dient actueel te zijn, wat betekent dat het bijgewerkte/actuele informatie bevat, inclusief eventuele bijgewerkte benchmarkstudies. Dit betekent doorgaans dat er jaarlijks een lokaal dossier moet worden opgesteld of bijgewerkt. 

Transfer pricing en het groepsdossier 

Wat is een groepsdossier en wat is het doel ervan?

Het groepsdossier geeft gedetailleerd inzicht in de activiteiten van de hele groep en wordt meestal door het hoofdkantoor opgesteld en ingediend. Het groepsdossier legt verschillende aspecten vast van de activiteiten van de groepsentiteiten, met nadruk op de belangrijkste transfer pricing-richtlijnen. Het dossier geeft een overzicht van de groepsstructuur, inclusief herstructureringen, en beschrijft de immateriële activa van de groep. De interne financieringsregelingen en de relevante fiscale en financiële posities binnen de groep.

Wanneer moet een groepsdossier worden opgesteld/ingediend? 

Volgens Artikel 29g(4) van de Nederlandse Wet VPB 1969, moet elke Nederlandse onderneming die transacties aangaat met verbonden partijen (lokaal of buitenlands) en een geconsolideerde groepsomzet heeft van meer dan 50 miljoen EUR, een groepsdossier laten opstellen.Artikel 29g(1) van de Wet VPB 1969 verplicht bedrijven om het groepsdossier op te stellen binnen de termijn voor het indienen van de aangifte vennootschapsbelasting. Veel adviseurs dienen de aangifte pas in nadat zij hebben bevestigd dat het groepsdossier, indien vereist, volledig is afgerond. In Nederland is er geen verplichte indiening van een groepsdossier bij de Belastingdienst, tenzij hierom specifiek wordt gevraagd. Haalt de organisatie de inkomstendrempel, dan beschouwt men het groepsdossier als voltooid. Meestal geeft de Belastingdienst dan geen uitstel van betaling buiten de normale termijn voor het aanleveren van documentatie.

Wat zijn de eisen voor het groepsdossier in de Nederlandse wet?

Organisatiestructuur 

  • Een organisatiestructuur dat de juridische en eigendomsstructuur van de groep en de geografische locatie van de bedrijfsonderdelen illustreert. 

Beschrijving van de activiteiten van de multinationale groep 

Algemene schriftelijke beschrijving van de bedrijfsactiviteiten van de internationale groep, inclusief: 

  • Belangrijke factoren die de bedrijfswinst bepalen; 
  • Een beschrijving van de toeleveringsketen voor de vijf grootste producten en/of diensten van de groep naar omzet, evenals alle andere producten en/of diensten die meer dan 5% van de omzet van het concern uitmaken. De vereiste beschrijving kan de vorm aannemen van een grafiek of een diagram; 
  • Een lijst en korte beschrijving van belangrijke dienstverleningsovereenkomsten tussen onderdelen van het multinationale concern, met uitzondering van diensten op het gebied van onderzoek en ontwikkeling (O&O), inclusief een beschrijving van de capaciteiten van de belangrijkste locaties die belangrijke diensten verlenen en het transfer pricing beleid voor de toerekening van de kosten van diensten en de vaststelling van de prijzen die moeten worden betaald voor diensten binnen de groep; 
  • Beschrijf de belangrijkste geografische markten voor de producten en diensten van de groep, zoals genoemd in de tweede bullet hierboven.
  • Geef een korte schriftelijke functionele analyse waarin je de belangrijkste bijdragen van individuele entiteiten binnen de groep aan waardecreatie beschrijft, zoals hun functies, risico’s en activa.
  • Een beschrijving van belangrijke bedrijfsherstructureringen, acquisities en afstotingen gedurende het boekjaar. 

Immateriële vaste activa van de groep (zoals gedefinieerd in hoofdstuk VI van de OESO-richtlijnen) 

  • Een algemene beschrijving van de strategie van de groep voor de ontwikkeling, eigendom en exploitatie van immateriële activa, inclusief de vestigingsplaats van de belangrijkste O&O-faciliteiten en het O&O-management; 
  • Een lijst van immateriële activa of groepen van immateriële activa van de groep die van belang zijn voor transfer pricing doeleinden, inclusief de entiteiten die deze wettelijk in eigendom hebben; 
  • Een lijst van belangrijke overeenkomsten tussen geïdentificeerde gelieerde ondernemingen met betrekking tot immateriële activa, inclusief kostenbijdrageregelingen, belangrijkste onderzoeksdienstovereenkomsten en licentieovereenkomsten; 
  • Een algemene beschrijving van het transfer pricing beleid van de groep met betrekking tot O&O en immateriële activa; 
  • Een algemene beschrijving van alle belangrijke overdrachten van belangen in immateriële activa tussen gelieerde ondernemingen gedurende het betreffende boekjaar, inclusief de betrokken entiteiten, rechtsgebieden en vergoedingen. 

Intercompany financiële activiteiten van de multinationale groep 

  • Geef een overzichtelijke beschrijving van de financiering van de groep, inclusief belangrijke financieringsovereenkomsten met niet-verbonden kredietverstrekkers.
  • Het identificeren van alle onderdelen van de groep die een centrale financieringsfunctie vervullen, inclusief het rechtsgebied waarbinnen de entiteit georganiseerd is en de locatie van de feitelijke leiding van deze entiteiten; 
  • Een beknopte beschrijving van het algemene transfer pricing beleid van de groep met betrekking tot financieringsovereenkomsten tussen gelieerde ondernemingen. 

Financiële en fiscale posities van de groep 

  • De geconsolideerde jaarrekening van de groep voor het betreffende boekjaar, indien deze elders is opgesteld voor financiële verslaglegging, regelgeving, intern beheer, belastingen of andere doeleinden; 
  • Een overzicht en beknopte beschrijving van de bestaande unilaterale advance pricing agreements (APA’s) en andere belastingrulings van de groep met betrekking tot de toerekening van inkomsten aan jurisdicties. 

Het is ook vereist dat het groepsdossier actueel is (dat wil zeggen, het bevat bijgewerkte/actuele informatie). Dit betekent over het algemeen dat er jaarlijks een groepsdossier wordt opgesteld of bijgewerkt. 

Transfer pricing en country-by-country reporting (CbC) 

Wat is CbC en wat is het doel ervan? 

Een CbC-rapportage (“CbCR”) is vergelijkbaar met het eerder besproken groepsdossier omdat het meer inzicht geeft in de financiële verhoudingen binnen een groep. Meer in het specifiek richt de CbCR zich op de globale toewijzing van de inkomsten en betaalde belastingen van de groep, samen met bepaalde indicatoren van de locatie van economische activiteit binnen de groep. De CbCR vereist daarom een lijst van alle entiteiten waarvoor financiële informatie wordt gerapporteerd. Vermeld daarbij de fiscale jurisdictie van oprichting als deze afwijkt van de vestigingsplaats, en beschrijf de aard van de belangrijkste zakelijke activiteiten van elke entiteit. CbC komt in twee vormen voor als een CbCR of een CbC Melding (“CbCN”). De vorm die op jouw organisatie van toepassing is, hangt af van waar deze zich bevindt in de aandelenhiërarchie (meer hierover in paragraaf hieronder). Een CbCN helpt vooral bij risicobeoordelingen van transfer pricing op hoog niveau. Belastingdiensten gebruiken het ook om andere risico’s in verband met Base Erosion and Profit Shifting (“BEPS”) te beoordelen. Houd er echter rekening mee dat een CbCR geen vervanging is voor een gedetailleerde transfer pricing-analyse en geen sluitend bewijs levert dat de verrekenprijzen van de groep passend zijn.

Wanneer moet je een CbC/CbCR opstellen/indienen? 

Volgens artikel 29c lid 5 van de Nederlandse Wet VPB 1969 zijn CbC-rapportageverplichtingen niet van toepassing op groepsentiteiten van een multinationale groep die in het verslagjaar, onmiddellijk voorafgaand aan het jaar waarop de CbC betrekking heeft, minder dan 750 miljoen euro aan geconsolideerde groepsinkomsten hebben. 

Zoals eerder vermeld, hangt het formulier dat je moet indienen af van waar je organisatie zich bevindt in de structurele hiërarchie van de groep. Als jouw entiteit de UPE is (dat wil zeggen, de entiteit die verantwoordelijk is voor de verslaglegging binnen de groep) of de SPE (dat wil zeggen, een entiteit van de groep die door de groep is aangewezen om in beginsel, als enige vervanger van de UPE, de CbCR in te dienen in het rechtsgebied van de fiscale woonplaats van die entiteit), dan moet je een CbCR opstellen en indienen. Als je geen UPE of SPE bent, dan moet je een CbCN opstellen en indienen. Artikel 29c van de Wet VPB 1969 vereist dat als je geen UPE of SPE bent, je de belastinginspecteur uiterlijk op de laatste dag van het aangiftejaar door middel van een CbCN moet informeren over de identiteit en het fiscale ingezetenschap van de rapporterende entiteit. Artikel 29c lid 1, van de Wet VPB 1969 vereist dat de CbCR binnen 12 maanden na het einde van het boekjaar wordt ingevuld en ingediend. Hulp nodig met de vraag of jouw organisatie een CbCR of CbCN moet indienen? Neem contact op.  

Aan welke eisen moet de CbCR volgens de Nederlandse wet voldoen? 

Volgens paragraaf 10.1 van GG-26874, 2022, worden de vereisten voor de inhoud van de CbCR beschreven in de Regeling Aanvullende Documentatie-eisen Verrekenprijzen van 30 december 2015 (“DB2015/462M”). DB2015/462M is hoofdzakelijk gebaseerd op Bijlage III bij Hoofdstuk V van de OESO-richtlijnen. Om als volledig te worden beschouwd, moet de CbCR volgens deze bijlage de volgende punten bevatten en behandelen: 

Overzicht van toewijzing van inkomsten, belastingen en bedrijfsactiviteiten per belastingjurisdictie (tabel 1) 

Belastingjurisdictie 

In de eerste kolom van het model moet je alle belastingjurisdicties vermelden waarin de onderdelen van het multinationale concern voor belastingdoeleinden zijn gevestigd. Een belastingjurisdictie wordt omschreven als een staat of een niet-overheidsjurisdictie met fiscale autonomie. Voor alle onderdelen van het multinationale concern niet in een belastingjurisdictie zijn gevestigd, moet je een aparte regel toevoegen. 

Als een onderdeel in meer dan één belastingjurisdictie is gevestigd, moet je de toepasselijke tiebreaker van het belastingverdrag gebruiken om de fiscale vestigingsplaats te bepalen. Bestaat er geen toepasselijk belastingverdrag, dan rapporteer je het onderdeel in de belastingjurisdictie waar de werkelijke leiding van het onderdeel is gevestigd.

De plaats van werkelijke leiding is de locatie waar je belangrijke bestuurlijke en commerciële beslissingen neemt die nodig zijn voor de bedrijfsvoering van het onderdeel. Je moet alle relevante feiten en omstandigheden onderzoeken om de plaats van werkelijke leiding te bepalen. Een onderdeel kan meer dan één plaats van werkelijke leiding hebben, maar kan te allen tijde slechts één plaats van werkelijke leiding hebben. 

Inkomsten 

In de drie kolommen van het sjabloon onder het kopje “Inkomsten” moet je als rapporterende multinationale onderneming de volgende informatie verstrekken: (i) het totale bedrag aan inkomsten van alle onderdelen van het multinationale concern in het desbetreffende belastinggebied uit transacties met gelieerde ondernemingen; (ii) het totale bedrag aan inkomsten van alle onderdelen van het multinationale concern in het desbetreffende belastinggebied uit transacties met onafhankelijke partijen; en (iii) de som van (i) en (ii). Onder inkomsten vallen opbrengsten uit de verkoop van voorraden en eigendommen, diensten, royalty’s, rente, premies en alle andere bedragen. Sluit bij het bepalen van de inkomsten betalingen uit die andere onderdelen ontvangen en die de belastingjurisdictie van de betaler als dividenden beschouwt.

Winst (verlies) voor inkomstenbelasting 

In de vijfde kolom van het sjabloon moet de rapporterende multinationale onderneming (“MNO”) de totale winst (of verlies) vóór belastingen aangeven voor alle onderdelen die hun fiscale woonplaats hebben in de desbetreffende belastingjurisdictie. De winst (of het verlies) vóór belastingen moet alle uitzonderlijke baten en lasten omvatten. 

Betaalde winstbelasting (op kasbasis) 

In de zesde kolom van het sjabloon moet de rapporterende MNO het totale bedrag aan inkomstenbelasting vermelden dat in het desbetreffende belastingjaar is betaald door alle onderdelen die hun fiscale woonplaats hebben in de betreffende belastingjurisdictie. Tot de betaalde belastingen behoren de contante belastingen die door de binnenlandse entiteit zijn betaald aan de fiscale woonstaat en aan alle andere belastingjurisdicties. Betaalde belastingen moeten ook de bronbelastingen omvatten die door andere entiteiten (gelieerde en onafhankelijke ondernemingen) zijn betaald met betrekking tot betalingen aan de rapporterende entiteit. Als onderneming A bijvoorbeeld is gevestigd in belastingjurisdictie A en rente ontvangt in belastingjurisdictie B, rapporteert onderneming A de ingehouden belasting in belastingjurisdictie B.

In de jaarrekening opgenomen winstbelasting 

In de zevende kolom van het sjabloon moet de rapporterende MNO de som vermelden van de opgelopen lopende belastinglasten over de belastbare winsten of verliezen van het verslagjaar van alle onderdelen die hun fiscale woonplaats hebben in de betreffende belastingjurisdictie. De actuele belastinglast mag alleen betrekking hebben op de activiteiten in het lopende jaar en mag geen uitgestelde belastingen of voorzieningen voor onzekere belastingverplichtingen omvatten. 

Gestort kapitaal 

In de achtste kolom van het sjabloon moet de rapporterende MNO de som vermelden van het aangegeven vermogen van alle onderdelen die hun fiscale woonplaats hebben in het betreffende belastinggebied. Rapporteer het aangegeven vermogen voor vaste inrichtingen door de rechtspersoon waarvan de vaste inrichting deel uitmaakt, tenzij de belastingjurisdictie van de vaste inrichting een specifiek vermogen vereist voor regelgevingsdoeleinden.

Gecumuleerde winst 

In de negende kolom van het model moet de rapporterende MNO de totale opgespaarde winsten rapporteren van alle onderdelen die aan het einde van het jaar hun fiscale woonplaats in het betreffende belastinggebied hadden. Wat vaste inrichtingen betreft, moet het opgespaarde resultaat worden gerapporteerd door de juridische entiteit waar de vaste inrichting onder valt. 

Aantal personeelsleden 

In de tiende kolom van het model moet de rapporterende MNO het totale aantal werknemers (in voltijdsequivalenten) vermelden van alle onderdelen die hun fiscale woonplaats in het betreffende belastinggebied hebben. Rapporteer het aantal werknemers jaarlijks, bijvoorbeeld aan het einde van het jaar, op basis van het gemiddelde aantal werknemers gedurende het jaar, of gebruik een andere consistente methode die je in alle belastingjurisdicties en over de jaren toepast. Je mag onafhankelijke aannemers die deelnemen aan de reguliere bedrijfsactiviteiten van het onderdeel als werknemers mee tellen. Een redelijke afronding of benadering van het aantal werknemers is toegestaan, mits dit de relatieve verdeling van werknemers over de verschillende belastingjurisdicties niet wezenlijk verstoort. Er moeten consistente benaderingen worden toegepast van jaar tot jaar en tussen onderdelen onderling. 

Materiële activa andere dan geldmiddelen of kasequivalenten 

In de elfde kolom van het sjabloon moet de rapporterende MNO de totale nettoboekwaarde opgeven van de materiële vaste activa van alle onderdelen die hun fiscale woonplaats hebben in de betreffende belastingjurisdictie. Wat vaste inrichtingen betreft, dienen de activa te worden gerapporteerd met verwijzing naar het belastinggebied waar de vaste inrichting zich bevindt. Materiële vaste activa omvatten in dit verband geen geld of kasequivalenten, immateriële activa of financiële activa. 

Lijst van alle groepsentiteiten van de multinationale groep die vallen onder iedere totalisatie per belastingjurisdictie (tabel 2)

Groepsentiteiten fiscaal gevestigd in de betreffende belastingjurisdictie

Voor elke belastingjurisdictie moet je een lijst verstrekken met alle onderdelen van het multinationale concern die hun fiscale woonplaats hebben in die specifieke belastingjurisdictie, samen met de naam van de juridische entiteit. Zoals eerder vermeld over vaste inrichtingen, vermeld je de vaste inrichting onder het belastinggebied waarin deze zich bevindt. Geef ook de juridische entiteit aan waarvan de vaste inrichting deel uitmaakt (bijvoorbeeld XYZ Corp vaste inrichting in Belastingjurisdictie A).

Indien afwijkend van fiscale vestigingsplaats, de staat op grond van wiens recht de groepsentiteit is ingericht of opgericht 

Je moet de naam vermelden van het belastinggebied waarbinnen de onderdelen van het multinationale bedrijf zijn georganiseerd of opgericht, als dit verschilt van het belastinggebied waar ze zijn gevestigd. 

Belangrijkste bedrijfsactiviteit(en)

Als MNO dien je de aard van de belangrijkste bedrijfsactiviteit(en) van de onderdelen in het betreffende belastinggebied vast te stellen door een of meer van de toepasselijke vakjes aan te vinken. 

Bedrijfsactiviteiten: 

  • Onderzoek en ontwikkeling 
  • Beheer van intellectueel eigendom 
  • Inkoop of aanschaf 
  • Productie of fabricage 
  • Verkoop, marketing of distributie 
  • Administratieve, management- of ondersteunende diensten 
  • Dienstverlening aan niet-gelieerde partijen 
  • Interne groepsfinanciering 
  • Gereguleerde financiële diensten 
  • Verzekering 
  • Bezit van aandelen of andere eigenvermogensinstrumenten 
  • Inactief 
  • Anders (specificeer de aard van de activiteit van de onderdelen in het gedeelte “Aanvullende Informatie”). 

Aangezien de CbCR specifieke informatie betreft voor dat boekjaar, is het tevens vereist dat het opgestelde CbCR actueel is (d.w.z. bijgewerkte/actuele informatie weergeeft). Dit betekent doorgaans dat een CbCR jaarlijks wordt opgesteld of bijgewerkt. 

Wat zijn de consequenties van het niet naleven van de Nederlandse wetgeving? 

Indien één van de bovengenoemde dossiers of rapporten niet correct is opgesteld of niet tijdig is ingediend, loop je het risico een administratieve boete te ontvangen van tussen de € 515 en € 25.750. Twijfel je of jouw bedrijf voldoet aan de criteria voor verrekenprijsdocumentatie of aan de eisen van het Nederlandse CbCR? Neem dan gerust contact met ons op. Het team van Crowe Peak bestaat uit ervaren belastingprofessionals met expertise in transfer pricing. 

Crowe Peak

Benieuwd wat wij voor jouw organisatie kunnen betekenen?

Laten we snel kennismaken!

Contact